Franchisekosten
Kasboek 3 min lezen

Kantoorinrichter met eigen productie · Wanneer wint huur het van de aanschaf van materiaal?

Reken één opdracht terug vanaf het moment waarop de klant wil afrekenen. In dit dossier ga je een vergadertafel op bestelling produceren. Op de orderkaart met materiaalreservering zoek je de eenheid die bij de verkoopprijs hoort en de uitgaven die met die eenheid meebewegen. In de twee uitgewerkte mogelijkheden kom je voor gebruiksdagen tot het omslagpunt met huur uit op 20 en 16. Het verschil is terug te voeren op één keuze in de proef.

Een metalen sleutelbos op een houten tafel in zacht licht.
Kasboek Filip Szalbot · Unsplash
Afschrijvingen op vaste activa in twee Nederlandse CBS-groepen. Onderzoeksgroep ‘3101 Bedrijfsmeubelindustrie’, referentiegroep ‘431 Sloopbedrijven en grondwerk’.
VerslagjaarOnderzoeksgroep · mln €Onderzoeksgroep · aandeelReferentiegroep · aandeel
2017492,12%4,38%
2021572,32%4,66%
2023602,24%4,79%
2024692,5%5,27%

CBS 81156NED. De eurokolom toont de gekozen post voor de eerste branche. Voor elk aandeel is dezelfde post gedeeld door de totale bedrijfsopbrengsten van de bijbehorende CBS-groep. De bedragen zijn nominaal.

Werk de rekenproef uit

Persoonlijk werkblad

Vergelijk dezelfde inzetduur bij huur en koop

Uitgangspunten en bedragen zijn voorbeelden, exclusief btw. De CBS-cijfers in het artikel staan los van deze proef.

Vergelijk twaalf maanden. De aanvullende uitgave is hier onderhoud bij koop. De verwachte verkoopopbrengst telt éénmaal mee. Financiering en belasting zijn buiten beschouwing gelaten.

20 gebruiksdagen voor het omslagpunt van de proef.

Uitwerking van de rekenproef
Eigen aankoopaanname€ 23.750
Restopbrengst als aanname€ 17.400
Verondersteld onderhoud€ 1.750
Huur per gebruikte dag€ 420
Uitgangspunten en uitwerking van scenario B

Een tweede verhuurder rekent een hoger dagtarief. Voor de vergelijking houdt de ondernemer de veronderstellingen over koop en restopbrengst gelijk.

Vast rekenvoorbeeld B
Eigen aankoopaanname€ 23.750
Restopbrengst als aanname€ 17.400
Verondersteld onderhoud€ 1.750
Huur per gebruikte dag€ 508,2
01

De eerste vraag aan de werktafel

Schrijf op hoeveel dagen je het materiaal aantoonbaar nodig hebt. Vergelijk huur en koop voor dezelfde periode en controleer kosten voor onderhoud en stilstand afzonderlijk. Zijn montage op locatie en het meenemen van verpakkingsmateriaal apart begroot?

Neem voor een vergelijking over dezelfde gebruiksduur ook de post energieverbruik mee. Bij ‘3101 Bedrijfsmeubelindustrie’ is die tweede landelijke post in 2024 24 miljoen euro, of 0,87% van de bedrijfsopbrengsten. Bij ‘431 Sloopbedrijven en grondwerk’ beslaat dezelfde post 1,28%. Die twee percentages zeggen niets over de staat van de kantenaanlijmer, maar maken zichtbaar waarom je naast afschrijvingen ook deze tweede post in de eigen administratie wilt opzoeken.

02

Vergelijk dezelfde inzetduur bij huur en koop

Voor twaalf maanden gebruik kies je € 23.750 aanschaf, € 17.400 verwachte verkoopopbrengst na afloop en € 1.750 onderhoud. Het huuralternatief kost in de eerste proef € 420 per gebruikte dag. Deel de netto modelkosten van koop door de daghuur en rond voor het omslagpunt naar hele dagen omhoog. De koop vraagt bij aanvang wel het volle aankoopbedrag. Dit verschil in kasbeslag vraagt een aparte afweging.

Een tweede verhuurder rekent een hoger dagtarief. Voor de vergelijking houdt de ondernemer de veronderstellingen over koop en restopbrengst gelijk. In de proef verandert uitsluitend de huurprijs per dag van € 420 naar € 508,2. De tweede invoer is een gekozen alternatief voor de bespreking. De gekozen maatstaf is ‘gebruiksdagen tot het omslagpunt met huur’. Je leest eerst 20 en daarna 16. De tweede berekening komt 4 lager uit. Neem beide uitkomsten op in een vergelijking over dezelfde gebruiksduur. Toets de veranderde aanname met het huurvoorstel voor dezelfde gebruiksdag. Gebruik de orderkaart met materiaalreservering om de bijbehorende opdracht daadwerkelijk terug te vinden.

03

Afschrijvingen op vaste activa volgens het CBS

Lees de ontwikkeling van het aandeel afschrijvingen naast de verandering van het onderliggende bedrag. Voor ‘3101 Bedrijfsmeubelindustrie’ is het aandeel in 2024 2,5%, tegen 2,24% in 2023. Het bedrag ging van 60 naar 69 miljoen euro. De noemer ging tegelijk van 2.680 naar 2.765 miljoen. Het CBS telt hier op het niveau van de hele bedrijfstak, inclusief ondernemingen die geen onderdeel van een formule zijn.

De jaarreeks begint hier bij 2017, met 2,12% voor ‘3101 Bedrijfsmeubelindustrie’. De hoogste waarneming binnen de gemeenschappelijk beschikbare jaren is 2,5% in 2024. Het laagste aandeel is 1,89% in 2019. Zet daarnaast ‘431 Sloopbedrijven en grondwerk’, waar afschrijvingen in 2024 5,27% van de opbrengsten vertegenwoordigt. Een hoog jaarcijfer vertelt op zichzelf niet of iemand meer eenheden heeft gebruikt, een hoger tarief betaalde of een andere activiteit uitvoerde.

04

Een vergelijking over dezelfde gebruiksduur

Schrijf in een vergelijking over dezelfde gebruiksduur welke eenheid jij voor deze handeling gebruikt. Voorkom dat je hetzelfde bedrag eerst aan de opdracht ‘een vergadertafel op bestelling produceren’ en daarna opnieuw aan algemene uitgaven toerekent. Controleer de post aan de hand van de orderkaart met materiaalreservering. Schuift het bedrag bij een volgende order niet mee, onderzoek dan of je een periodieke uitgave bij de variabele bedragen hebt gezet.

Vragen voor het vervolg

  • Zijn montage op locatie en het meenemen van verpakkingsmateriaal apart begroot?
  • Wat vul je voor tijd en geld in als jij zelf de opdracht ‘een vergadertafel op bestelling produceren’ gaat uitvoeren?
  • Wat moet je bij de orderkaart met materiaalreservering kunnen aantonen om een vergelijking over dezelfde gebruiksduur af te ronden?

Bronnen

Franchisekosten

Reken mijn kostenpost door

Vertel waar je staat met een vergelijking over dezelfde gebruiksduur. Met een geanonimiseerd voorbeeld van de orderkaart met materiaalreservering kunnen we de vraag over kantoorinrichter met eigen productie concreet maken.