Franchisekosten
Kasboek 3 min lezen

Grondwerkbedrijf · Wanneer wint huur het van de aanschaf van materiaal?

Reken één opdracht terug vanaf het moment waarop de klant wil afrekenen. In dit dossier ga je een sleuf voor een huisaansluiting graven. Op de machinestaat met draaiuren zoek je de eenheid die bij de verkoopprijs hoort en de uitgaven die met die eenheid meebewegen. In de twee uitgewerkte mogelijkheden kom je voor gebruiksdagen tot het omslagpunt met huur uit op 36 en 30. Het verschil is terug te voeren op één keuze in de proef.

Een metalen sleutelbos op een houten tafel in zacht licht.
Kasboek Filip Szalbot · Unsplash
Afschrijvingen op vaste activa in twee Nederlandse CBS-groepen. Onderzoeksgroep ‘431 Sloopbedrijven en grondwerk’, referentiegroep ‘4322 Loodgieters en installatiebedrijven’.
VerslagjaarOnderzoeksgroep · mln €Onderzoeksgroep · aandeelReferentiegroep · aandeel
20171454,38%1,65%
20212114,66%1,99%
20232634,79%2,11%
20243285,27%2,23%

CBS 81156NED. De eurokolom toont de gekozen post voor de eerste branche. Voor elk aandeel is dezelfde post gedeeld door de totale bedrijfsopbrengsten van de bijbehorende CBS-groep. De bedragen zijn nominaal.

Werk de rekenproef uit

Persoonlijk werkblad

Vergelijk dezelfde inzetduur bij huur en koop

Uitgangspunten en bedragen zijn voorbeelden, exclusief btw. De CBS-cijfers in het artikel staan los van deze proef.

Vergelijk twaalf maanden. De aanvullende uitgave is hier onderhoud bij koop. De verwachte verkoopopbrengst telt éénmaal mee. Financiering en belasting zijn buiten beschouwing gelaten.

36 gebruiksdagen voor het omslagpunt van de proef.

Uitwerking van de rekenproef
Eigen aankoopaanname€ 26.800
Restopbrengst als aanname€ 21.500
Verondersteld onderhoud€ 2.100
Huur per gebruikte dag€ 210
Uitgangspunten en uitwerking van scenario B

Een tweede verhuurder rekent een hoger dagtarief. Voor de vergelijking houdt de ondernemer de veronderstellingen over koop en restopbrengst gelijk.

Vast rekenvoorbeeld B
Eigen aankoopaanname€ 26.800
Restopbrengst als aanname€ 21.500
Verondersteld onderhoud€ 2.100
Huur per gebruikte dag€ 254,1
01

De eerste vraag aan de werktafel

Schrijf op hoeveel dagen je het materiaal aantoonbaar nodig hebt. Vergelijk huur en koop voor dezelfde periode en controleer kosten voor onderhoud en stilstand afzonderlijk. Is tijd voor het ophalen van de machine onderdeel van dezelfde dagprijs?

Neem voor een vergelijking over dezelfde gebruiksduur ook de post energieverbruik mee. Bij ‘431 Sloopbedrijven en grondwerk’ is die tweede landelijke post in 2024 80 miljoen euro, of 1,28% van de bedrijfsopbrengsten. Bij ‘4322 Loodgieters en installatiebedrijven’ beslaat dezelfde post 0,21%. Die twee percentages zeggen niets over de staat van de minigraver, maar maken zichtbaar waarom je naast afschrijvingen ook deze tweede post in de eigen administratie wilt opzoeken.

02

Vergelijk dezelfde inzetduur bij huur en koop

Voor twaalf maanden gebruik kies je € 26.800 aanschaf, € 21.500 verwachte verkoopopbrengst na afloop en € 2.100 onderhoud. Het huuralternatief kost in de eerste proef € 210 per gebruikte dag. Deel de netto modelkosten van koop door de daghuur en rond voor het omslagpunt naar hele dagen omhoog. De koop vraagt bij aanvang wel het volle aankoopbedrag. Dit verschil in kasbeslag vraagt een aparte afweging.

Een tweede verhuurder rekent een hoger dagtarief. Voor de vergelijking houdt de ondernemer de veronderstellingen over koop en restopbrengst gelijk. In de proef verandert uitsluitend de huurprijs per dag van € 210 naar € 254,1. De tweede invoer is een gekozen alternatief voor de bespreking. De gekozen maatstaf is ‘gebruiksdagen tot het omslagpunt met huur’. Je leest eerst 36 en daarna 30. De tweede berekening komt 6 lager uit. Neem beide uitkomsten op in een vergelijking over dezelfde gebruiksduur. Toets de veranderde aanname met het huurvoorstel voor dezelfde gebruiksdag. Gebruik de machinestaat met draaiuren om de bijbehorende opdracht daadwerkelijk terug te vinden.

03

Afschrijvingen op vaste activa volgens het CBS

Lees de ontwikkeling van het aandeel afschrijvingen naast de verandering van het onderliggende bedrag. Voor ‘431 Sloopbedrijven en grondwerk’ is het aandeel in 2024 5,27%, tegen 4,79% in 2023. Het bedrag ging van 263 naar 328 miljoen euro. De noemer ging tegelijk van 5.487 naar 6.229 miljoen. Het CBS telt hier op het niveau van de hele bedrijfstak, inclusief ondernemingen die geen onderdeel van een formule zijn.

De jaarreeks begint hier bij 2017, met 4,38% voor ‘431 Sloopbedrijven en grondwerk’. De hoogste waarneming binnen de gemeenschappelijk beschikbare jaren is 5,27% in 2024. Het laagste aandeel is 4,3% in 2018. Zet daarnaast ‘4322 Loodgieters en installatiebedrijven’, waar afschrijvingen in 2024 2,23% van de opbrengsten vertegenwoordigt. Een hoog jaarcijfer vertelt op zichzelf niet of iemand meer eenheden heeft gebruikt, een hoger tarief betaalde of een andere activiteit uitvoerde.

04

Een vergelijking over dezelfde gebruiksduur

Schrijf in een vergelijking over dezelfde gebruiksduur welke eenheid jij voor deze handeling gebruikt. Voorkom dat je hetzelfde bedrag eerst aan de opdracht ‘een sleuf voor een huisaansluiting graven’ en daarna opnieuw aan algemene uitgaven toerekent. Controleer de post aan de hand van de machinestaat met draaiuren. Schuift het bedrag bij een volgende order niet mee, onderzoek dan of je een periodieke uitgave bij de variabele bedragen hebt gezet.

Vragen voor het vervolg

  • Is tijd voor het ophalen van de machine onderdeel van dezelfde dagprijs?
  • Wat vul je voor tijd en geld in als jij zelf de opdracht ‘een sleuf voor een huisaansluiting graven’ gaat uitvoeren?
  • Wat moet je bij de machinestaat met draaiuren kunnen aantonen om een vergelijking over dezelfde gebruiksduur af te ronden?

Bronnen

Franchisekosten

Reken mijn kostenpost door

Vertel waar je staat met een vergelijking over dezelfde gebruiksduur. Met een geanonimiseerd voorbeeld van de machinestaat met draaiuren kunnen we de vraag over grondwerkbedrijf concreet maken.